Follow project on Twitter
NederlandsEnglish

Probleembeschrijving 2: Bezittelijk redeneren

Ook bezittelijk redeneren – redeneren met bezittelijk werkwoord “heeft/hebben” – wordt niet ondersteund door de predicatenlogica (algebra):

> Gegeven: “Paul is een zoon van Jan.”

• Logische conclusie:
< “Jan heeft een zoon, genaamd Paul.”

Of andersom:
> Gegeven: “Jan heeft een zoon, genaamd Paul.”

• Logische conclusie:
< “Paul is een zoon van John.”


Waarom ondersteunt predicatenlogica (algebra) het bezittelijk redeneren niet op een natuurlijke manier? Waarom moet elk predicaat – dat niet kan worden uitgedrukt met het werkwoord “is/zijn” in de tegenwoordige tijd – op een kunstmatige manier beschreven worden, zoals heeft_zoon(jan,paul)? Waarom is algebra nog steeds niet uitgerust voor natuurlijke taal, na eeuwen van wetenschappelijk onderzoek?